Films, politiek en literatuur in de Verenigde Staten

Met de beëdiging van Donald J. Trump als de 45e president van de Verenigde Staten breekt letterlijk een nieuw tijdperk aan in de Amerikaanse geschiedenis. Maar het rechts populisme komt niet uit de lucht vallen. De Amerikaanse cultuur en als je goed kijkt meer specifiek de literatuur van voorgaande decennia, laat zien waar deze gevoelens vandaan komen. De eerste naam die in het oog springt is de eerste Amerikaanse schrijver die ooit de Nobelprijs voor literatuur won (1930), namelijk Sinclair Lewis (1885 – 1951).

Hij werd vooral bekend door zijn romans ‘Main Street’ (1920) en ‘Babbit’ (1922). In ‘Main Street’ beschrijft hij hoe een mondaine jonge vrouw naar het midden van Amerika verhuist om daar in een kleinsteeds en kleingeestig stadje te proberen haar weg te vinden. Een heilloze onderneming waarna ze uiteindelijk bijna ondergaat in het verstikkende milieu, verbeeld door de ‘Main Street’, de hoofdstraat waar de meeste winkels en spaarzame uitgaansgelegenheden gevestigd zijn. Dit fenomeen zou later door een andere Nobelprijswinnaar, John Steinbeck, beschreven
worden en dit soort steden waar het overgrote gedeelte van de Amerikanen resideert wordt ook beschreven door Geert Mak in ‘Reizen zonder John’ (2012) als hij Steinbeck nareist door het Amerikaanse achterland.

Het thema van de gefrustreerde kleinsteedse Amerikaan speelt ook een rol in het magistrale ‘Revolutionary Road’ van Richard Yates, waarin een jong echtpaar wordt gevolgd dat zijn ambities gefnuikt ziet in een buitenwijk. Niet geheel toevallig de oorden waar het overgrote deel van de Trump-stemmers vandaan komt en waar in 2016 menig verkiezingsbord voor Trump in de voortuin prijkt. ‘Babbit’ komt dichterbij een figuur als Donald Trump: de hoofdrolspeler is rijk geworden door vastgoed en is bezig met het beklimmen van de sociale ladder in de jaren ’20 van de vorige eeuw, de jaren waarin voor het eerst een nieuw fenomeen de kop op stak: de middenklasse. Maar het meest saillant is zijn roman ‘It can’t happen here’ (1935). In dit boek wordt de opkomst van een rechtse populist beschreven die het schopt tot president van de Verenigde Staten, o.a. door te hameren op traditionele waarden, de noodzaak om het economisch beter te krijgen door hard werken en zijn belofte om Amerika weer groot te maken. Waar hebben we dat recentelijk ook alweer gehoord?

De keihard, kapitalistische toon van Trump werd niet eerder zo duidelijk verwoord als in de jaren tachtig, qua economische ‘boom’ te vergelijken met de jaren twintig (inclusief een daaropvolgende beurskrach en crisis). In films als ‘Wall Street’ (Oliver Stone, 1987) en boeken als ‘The Bonfire of the Vanities’ (Tom Wolfe, 1987) werd de verheerlijking van grof geld verdienen en materialisme boven medemenselijkheid als geen ander beschreven. Er ontstond zelfs een literaire stroming gelieerd aan de zgn. ‘Brat Pack’-acteurs (films als ‘The Breakfast Club’en ‘St. Elmo’s Fire’) met schrijvers als Jay McInerney (‘Bright Lights, Big City’), Tama Janowitz (‘Slaves of New York’) en Bret Easton Ellis (‘Less than zero’, American Psycho’). Kenmerkend voor al deze werken is het gebrek aan gevoel en empathie en het klakkeloos nastreven van persoonlijke welvaart, desnoods ten koste van anderen. Het is de vraag hoe de opkomst van Trump de Amerikaanse literatuur zal beïnvloeden, anders dan in de jaren tachtig lijken de meeste schrijvers een andere, naar Amerikaanse begrippen linksere koers te varen met auteurs als Jonathan Safran Foer en Jonathan Frantzen om maar twee namen te noemen.

Feit lijkt dat de nieuwe politieke koers voor een aardverschuiving zal zorgen in de Amerikaanse cultuur en dat zal een weerslag krijgen in de kunsten, of Trump daar nu enige affiniteit mee heeft of niet. Gaan we mee in de harde, kapitalistische lijn en herhalen zich op een moderne manier de jaren ’20 en ’80 van de vorige eeuw? En zo ja, wat voor effect heeft dat op het morele leven? De literatuur is daar meestal een goede weerslag van als de ergste rook is opgetrokken. Anno 2017 spinnen vooral de sociale media daar veel garen bij en uiteraard de nog immer alomtegenwoordige afgod in elke huiskamer: de tv. De (comedy) shows als ‘The Daily Show’, ‘The Tonight Show’ en ‘Saturday Night Live’ beschikken over een rijke bron om de komende vier jaar uit te putten, maar de interessante vraag is hoe de wat meer beklijvende uitingen, zoals de literatuur maar ook film zullen reageren.